Category Archives: Love

Hector

After a day in the countryside I came back to Geneva to discover my bike had a flat tire. A bummer, because I live 11 km from the city and it was already getting dark. Still sparkling from the lovely day I’d had, though, I started to walk home.

I was passing the Chinese embassy, thinking of the artist Ai Wei Wei, when a young man on a bicycle flashed past. He stopped dead in his tracks and looked at my tire. “Ahhh,” he wailed with a sense of drama, “what has happened?”. In a few seconds he was crawling in front of my bike, tinkering with my tire. I insisted I was fine and that I would walk home, but he shook his head. “I give you my tire,” he said, all smiles. “Or even better: I give you my bike.”

He introduced himself as Hector. He was originally from Mexico, working as a sculptor in Geneva. “Your skin is beautiful,” he said while tearing a wheel from his bike, “like ceramics”. I protested vehemently against his offers and asked if he had a pump I could use? “Oh Luce,” he said dreamily, “we can go biking together” .

Hector had a pump and a tire repair kit. He seemed shocked at the idea that I knew how to repair my own tire and insisted on using all his glue to patch the tube. But it worked. I thanked Hector, who thanked my bike for bringing us together. “It’s magic,” he concluded. And when could we meet again? “I could be your cat,” he suggested, “you would only have to pet me occasionally”. I blew him a kiss. “At least let me be your bicycle repair man!” he pleaded.

With my bike fixed I very much enjoyed my ride home. We all need to meet a Hector once in a while.

Advertisements
Tagged , , , , ,

Kassa

Ferney is een slaperig Frans dorp enkele kilometers ten noorden van Genève. De claim to fame van de plaats is dat Voltaire er enkele jaren heeft gewoond. Men hoopte dat dat toeristen zou trekken, maar de Frane filosoof heeft de lokale middenstand erg teleurgesteld. Het dorp heeft drie supermarkten voor Zwitsers die er goedkoop (en illegaal) hun inkopen doen. Er is een gezellig café (Express) en een café waar we niet komen (Du Soleil). Verder is er elke zaterdag een markt met lelijke kleding, dure groente en vettige churro’s. En Ferney heeft Émile.

Harde bewijzen heb ik er niet voor, maar ik vermoed dat de meerderheid van de bezoekers van Ferney de plaats aandoet voor de kassamedewerker van de natuurvoedingswinkel. Émile is lang, zwart, goedlachs en buitengewoon charmant. Hij kent alle vaste klanten bij naam en is op de hoogte van hun wel en wee. Velen van hen, zowel mannen als vrouwen, begroeten hem met drie zoenen. Maar Émile besteedt ook aandacht aan nieuwe klanten. Hij kijkt ze indringend aan, lacht zijn tanden bloot, houdt zijn hoofd schuin zodat zijn korte dreadlocks opzij vallen en zegt vriendelijk: “bonjour, comment allez-vous?”

Meerdere malen per week kom ik in de natuurvoedingswinkel en kan ik observeren welk effect Émile op zijn klanten heeft. Mensen die er argwanend voor het eerst naar binnen gaan, zie ik de winkel stralend verlaten. Mannelijke vaste klanten kloppen Émile even op z’n schouder voordat ze hun boodschappen gaan verzamelen, alsof hij een lachende boeddha is die geluk brengt. Dames gaan blozen naarmate ze Émiles kassa naderen. Ze vragen stotterend naar een obscuur product en buigen zich gelukzalig met Émile over ingrediëntenlijsten.

Zijn fans in de natuurvoedingswinkel hebben Émile op het idee gebracht zijn werkterrein te verleggen. Vorige week verklaarde hij dat hij eigenlijk geen kassamedewerker is, maar zanger. Émile heeft inmiddels een website, zingt in cafés en heeft zijn eigen CD in productie genomen. Op Facebook heeft hij al zes maal zoveel vrienden dan zijn woonplaats. Als Émile met zijn zang net zoveel succes heeft als met zijn kassawerk, gaat hij Ferney op de kaart zetten. Van Voltaire hebben we toch niets meer te verwachten.

Tagged , , ,

The Seven Year Itch

Afgelopen zomer voerde ik een campagne om Geliefde opnieuw te versieren. Volgens de filmklassieker The Seven Year Itch vermindert de belangstelling voor monogamie na zeven jaar huwelijk namelijk. Ik maakte daarom cazpacho en sushi, sleepte witte biologische wijn aan en verwelkomde Geliefde aldus aan het einde van haar werkdagen op een picknickmat aan het meer van Genève. Baat het niet, dan schaadt het niet, dacht ik.

Na de verhuizing naar ons nieuwe huis liepen mijn versierpogingen op niets uit. Wekenlang droeg ik vieze kluskleding en serveerde Geliefde ’s avonds blikvoer op plastic borden. Geliefde had dan ook alleen oog voor de staat van de muren, plafonds en vloer.

Tot we op een avond, tijdens het uitlaten van de honden, bij een vijver kwamen. Er stond een hoog hek omheen waaraan borden hingen dat het Streng Verboden Toegang was voor Onbevoegden. De vijver was van de CERN, de Europese organisatie voor kernonderzoek. Vogels trokken zich daar niets van aan: over het water scheerden zwaluwen op zoek naar insecten.

Plotseling zag Geliefde dat een van de vogels te water was geraakt. Hulpeloos fladderde het met zijn vleugels, die steeds verder in de waterplanten verstrikt raakten. Dat ging Geliefde aan het hart. “We kunnen niets doen, het is de natuur,” probeerde ik nog.

Moeizaam klom ik over het hek heen, me bezerend aan de zeer pijnlijke punten. Ik belandde met mijn blote benen in bramenstruiken, waar ik doorheen moest om bij de vijver te komen. Toen ik tot mijn knieën in het water stond, me afvragend welke giftige stoffen er geloosd werden, schrok de vogel zo dat ‘ie naar de kant spartelde. Voorzichtig pakte ik de drenkeling op en gaf hem door het hek aan Geliefde. Ze droogde het vogeltje aan haar T-shirt waarna hij, enigszins onvast, wegvloog.

Jammerend klom ik weer over het hek en viel in de armen van Geliefde. “Je bent mijn held,” zei ze stralend. Mijn armen en benen zaten vol blauwe plekken en schrammen en mijn broek was gescheurd. Maar die Seven Year Itch heb ik mooi afgeweerd.

Tagged , , ,