Monthly Archives: September 2008

Ce chien – bekend worden in een Frans dorp

L‘intégration is niet makkelijk als je, zoals ik, gespeend bent van kennis over de meest wezenlijke aspecten van Franse cultuur. Zo kocht ik mijn eerste baguette bij de boulangerie zonder voorkeur te tonen voor een meer donker dan wel licht gebakken brood. Quel blunder. Het aanbod om wijn voor te proeven sloeg ik af omdat de druiven van biologische teelt waren en het brouwsel dus toch wel goed zal smaken, dacht ik. Mon Dieu! En ik liet me vertederen door mijn bejaarde buurman wiens konijn kleintjes had gekregen – tot ik me realiseerde dat zowel moeder Pluis als haar negen Nijntjes voor de stoofpot bedoeld waren. Tiens!

Een groene, gezonde levensstijl is een extra uitdaging voor wie op wil gaan in de Franse eenheid. In het café bestel ik ‘s avonds om elf uur een double deca (grote cafeïnevrije koffie) in plaats van de meer fatsoenlijke café noir en om half vier ‘s middags het mineraalwater Perrier in plaats van Pastis (minimaal 40% alcohol). Op espadrilles sloffen kan ik niet – de canvas schoen uit de Pyreneeën wordt tegenwoordig in Vietnam gemaakt en zijn dus niet goed voor mijn ecologische voetafdruk. Contacten leggen bij de charcuterie is er als vegetarier niet bij.

Goddank heb ik een hond zonder achterpoten. “Regarde ce petit chien!” In Frankrijk zijn alle honden kleiner dan een bouvier meteen petit. “La pauvre bête,” het arme beest, “qu’est-ce qu’il a eu, ce chien?” vraagt elk tweede persoon die ik tegenkom op weg naar het park. Mijn dorpsgenoten dwingen me de biografie van mijn hond steeds te herhalen en corrigeren mijn taalgebruik. Mijn hond heeft geen jambes maar pattes (poten). Haar naam luidt hier Sucre en niet Sugar. Ze doet haar behoefte pareil, zoals andere honden. En ze is erg content (tevreden) met haar chariot (wagentje). Bobo chien heeft niets te maken met Sugars neiging de baas te spelen over honden (en mensen), maar is kindertaal (“hondje heeft au”).

Dankzij mijn hond ben ik binnen luttele dagen bekend van de Rue de la République tot de Place de Notre Dame. “Waar is uw chien handicapé?” willen wildvreemden weten als ik me op straat begeef zonder Sugar. Bij de crêperie maakt de kok met liefde een speciale pannekoek voor me als Sugar op zijn terras kuiert, want ze is goed voor de klandizie. De maître van het café groet me luidruchtig als ik tijdens mijn avondwandeling zijn volle terras passeer. Regelmatig staat een van zijn beschonken gasten op, wijst wankelend op m’n hond en betuigt gesmoord zijn medeleven (“Ça me touche… ça me touche!”). Zelfs tijdens een gemeenteraadsvergadering is Sugar ter sprake gekomen. “Jij bent beroemder in Anduze dan wij,” concluderen buren jaloers.

Intussen laat Sugar het zich allemaal welgevallen. Thuis brengt ze haar dagen liefst luierend door. Op straat houdt ze weinig rekening met andere weggebruikers en laat zich door geen claxon opjagen. Alleen wanneer ze een soortgenoot van de andere sekse in het vizier krijgt, wil ze nog wel eens een sprintje trekken. Ze schuimt het dorp af op zoek naar exclusieve, schimmelige hapjes. Op de mooiste plekjes in de natuur laat ze haar afval achter. Die hond van mij is duidelijk goed geïntegreerd in Frankrijk.

Tagged